De laatste jaren staan de media vol met artikelen over integratie. Onder aanvoering van de man die bewijst dat het regelmatig gebruiken van waterstofperoxide je hersenen onherstelbare schade toebrengt vinden steeds meer mensen dat de Nederlandse cultuur en de daarbij behorende waarde en normen beschermd dienen te worden.
Ik vraag mij dan altijd af:”aan wie zou de allochtoon zich dan aan moeten passen?’
Want ook binnen ons kleine landje zijn de verschillen tussen de diverse culturen en bevolkingsgroepen namelijk enorm. Zelfs de taal die wij spreken is niet in het hele land dezelfde.
Al meer dan 20 jaar woon ik als westerling aan de oostelijke kant van Nederland. Als Westerse die naar het Oosten kwam, kreeg ik van verschillende mensen de waarschuwing dat het hier lastig integreren zou zijn al was het maar vanwege dat rare taaltje. Nu na 20 jaar kan ik de meeste mensen hier goed verstaan. Ik kan mij als het moet zelfs in de streekstaal verstaanbaar maken maar dat is inderdaad wel eens anders geweest.
Zo kan ik mij nog goed de dag herinneren dat ik na een dag winkelen met mijn vriendin de plaatselijke snackbar binnenging om daar een blikje drinken te bestellen. Al heel snel na het plaatsen van mijn bestelling stond ik echter zonder drinken en met knikkende knieën en een knalrood hoofd weer naast mijn verbaast kijkende vriendin.
Moest jij geen drinken? Ik probeerde haar antwoord te geven maar kon door een combinatie van boosheid en schaamte haast niet uit mijn woorden komen. Met horten en stoten en trillend op mijn benen legde ik uit dat de snackbar eigenaar een enorme vieze en gefrustreerde man was die duidelijk hulp nodig had. Want wat mij nou overkomen is! Ik bestel mijn drinken en krijg vervolgens de vraag of ik naast een blikje cola er ook nog behoefte aan heb om oraal bevredigd te worden? Dat geloof je toch niet?
Mijn vriendin kijkt mij verbaast en vooral vol ongeloof aan. Je bedoelt dat die ouwe Klaas jou voorstelde om je oraal te bevredigen? Nou hoe die man heet dat zou mij echt worst wezen maar ja, dat is wat hij had gedaan en dat bevestig ik nogmaals aan mijn vriendin. Die blijft mij met een blik die het midden houdt tussen ongeloof, verbazing en schrik aankijken en loopt vervolgens richting de snackbar. Wat ga jij nou doen? Roep ik haar een tikkie bezorgt na, je gaat daar toch niet naar binnen zeker? Maar mijn vriendin loopt onverstoorbaar en stapt zelfverzekerd de snackbar binnen. Ik zie haar naar binnen gaan en vraag mij af wat nu toe te doen. Zou ik de politie moeten bellen? Wie weet wat die griezel zich nog meer in zijn hoofd haalt, aan de andere kant is mijn vriendin niet het type dat zich zonder slag en stoot door een ouwe gek laat betastten.
Voor ik besloten heb wat verstandig is staat mijn vriendin weer naast mij of beter gezegd, ze hangt luid lachend bijna dubbelgevouwen tegen mij aan terwijl de tranen over haar wangen lopen.
Nu is het mijn beurt om verbaasd te kijken en haar te vragen wat er in vredesnaam aan de hand is. Wat vroeg hij nou eigenlijk zegt ze tussen het hikken en lachen door terwijl de tranen over haar wangen lopen. Ik snap niet wat er zo leuk is en zeg dus net als eerder dat hij voorstelde om mij oraal te bevredigen. Na de melding dat ze bijna in haar broek piest van het lachen, vraagt ze mij letterlijk te herhalen wat oude Klaas gezegd heeft.
Ik raap al mijn moed bij elkaar en zeg zacht en met een knalrood hoofd:”hij vroeg of ik er een zuigbeurt bij wilde”.
Mijn vriendin ligt nu letterlijk te rollen over de straat en roept dan dat ik een enorme domme muts ben en gaat vervolgens door met onbedaarlijk hard lachen.
Ik zie niet wat er zo leuk is aan het krijgen een onzedelijk voorstel en begin zelfs een behoorlijk boos te worden. Mijn vriendin die zich ondertussen naar de buik grijpt roept ondertussen dat ze niet meer kan van het lachen. Omdat mijn vriendin echt geen aanstalten lijkt te maken op te houden met het stompzinnige lachen vraag ik nu bijna trillend van boosheid en op behoorlijk geïrriteerde toon wat er nou zo enorm grappig is.
Nog nahikkend en nauwelijks verstaanbaar brengt ze er met moeite uit:”hij vroeg of je er een zuigbuis bij wilde, of met andere woorden een rietje! Na deze woorden gaat ze weer verder waar ze mee bezig was en lacht er vrolijk op los.
Het duurt even voor ook ik besef hoe grappig dit is. Die goede man vraagt mij met plaatselijke tongval of ik een rietje (zuigbuis) wil en ik denk dat hij mij een zuigbeurt voorstelt. Nu is het mijn beurt om onbedaarlijk te lachen en we hebben daar nog zeker 5 minuten hard lachend op de grond gelegen.
De plaatselijke snackbar ben ik sinds die dag nooit meer binnen gegaan. Al was het maar omdat ik steeds als ik er langs liep zag hoe de eigenaar schuddebuikend achter de toonbank stond terwijl hij vrolijk naar mij zwaaide.